Joodse gemeenschap Stad

1914-1945

Op zoek naar het oorlogsverleden in de Schilderswijk

In het begin van de oorlog wonen er circa 200 joden in de Schilderswijk. Tegen het einde van 1943 is het merendeel van hen door razzia"s uit hun huizen gehaald, op transport gezet en in vernietigingskampen vermoord. Na de oorlog is er niet veel dat nog aan het joodse leven in de Schilderswijk herinnert. Daar brengt Stichting Stolpersteine Schilderswijk Groningen verandering in. Voor alle joodse slachtoffers in de wijk legt de stichting zogenaamde Stolpersteine; kleine messing herdenkingssteentjes die in de stoep voor het laatste woonadres van het slachtoffer geplaatst worden. Op 8 december 2016 plaatste de stichting de eerste 23 stenen. Daar komen de komende jaren nog vele bij. Hoe pak je zo'n groot onderzoek aan? Een kijkje achter de schermen.

Op zoek naar het oorlogsverleden in de Schilderswijk

Een dergelijk project in goede banen leiden, vereist niet alleen veel werk, maar ook precisie, nauwkeurigheid en controle. "Het begint met het fotograferen van alle woningkaarten," zegt Matteke Winkel, voorzitter van de stichting. "We vragen ons af: Wie woonde waar?" Op de woningkaarten, te vinden in de Groninger Archieven, staat per pand aangegeven wie de hoofdbewoner was en wie er bij hem of haar inwoonden. Veelal staat er ook op vermeld tot wanneer deze inwoners hier woonden en waar zij vervolgens naartoe verhuisden. "In veel gevallen was dat Duitsland of Westerbork."

De gegevens van de woningkaarten worden na het bezoek aan het archief gespiegeld aan de gegevens van het Joods Monument. Op deze digitale database zijn alle Nederlandse Shoah-slachtoffers terug te vinden. Komen de namen zowel op de woningkaarten als op Joods Monument voor? Dan is er voldoende bewijsmateriaal om aan te nemen dat deze personen door het naziregime omgekomen zijn. Deze personen komen op een lijst voor uitgebreid onderzoek. Voor het onderzoek naar omgekomen verzetsbetrokkenen in de wijk zoekt de stichting contact met het Oorlogs- en Verzetscentrum Groningen (OVCG).

Begeleiders en het vier-ogen-principe

Vervolgens heeft het bestuur van de stichting een onderzoeksgroep samengesteld met geïnteresseerden uit de wijk. "We zeiden hen dat ervaring in het doen van onderzoek geen vereiste was," vertelt Matteke Winkel. "Onervaren onderzoekers kregen van ons uitleg over (online) archiefinstellingen en kregen een begeleider mee; een ervaren onderzoeker met kennis van zaken."

Nadat het eerste duo het onderzoek heeft afgerond, komt de onderzoeksgroep weer bij elkaar. Dan hanteert de stichting het vier-ogen-principe. Dit houdt in dat een ander persoon het onderzoek van de eerste groep in zijn geheel overdoet. Winkel: "Dit doen we om ervoor te zorgen dat de informatie die is verzameld, klopt, maar ook om extra informatie te genereren." De informatie van de beide onderzoeken verwerkt de stichting in een portret en publiceert dat op haar eigen website. Inmiddels staan er ruim honderd portretjes online.

Dynamiek tussen wijkbewoners en nabestaanden

Het onderzoek naar de persoon achter de Stolperstein is dan afgerond, maar het verhaal is nog niet af. Naar controle door Herinneringscentrum Kamp Westerbork gaat de stichting op zoek naar nabestaanden. "Nabestaanden voegen een extra dimensie toe," vertelt Peter Vroege, bestuurslid van de stichting. "Wij zijn op zoek naar hen, maar zij vaak ook naar ons en het verleden van hun familie. Zij wonen vaak in Amerika of in Israël en zijn op zoek naar hun roots." Deze dynamiek tussen de wijkbewoners en nabestaanden is ook in de film van Liefke Knol terug te vinden.

Het leidt tot bijzondere verhalen. De stichting kwam bijvoorbeeld in contact met een 94-jarige wijkbewoner. Zij maakte de oorlog mee en kende oud-bewoners in de wijk. Matteke Winkel: "We spreken dan met haar over de Joodse families in de wijk, maar dan komt er ook heel veel andere geschiedenis zijdelings boven water." Ook het verhaal van verzetsbetrokkene dominee Brandligt is bijzonder. Hij bood ruimte aan joodse onderduikers, werd echter door de Duitsers gearresteerd en bezweek in Bergen-Belsen aan vlektyfus. Op 19 oktober 2017 wordt voor hem – meer dan 70 jaar later – een Stolperstein gelegd.

Het duurt nog een aantal jaren voordat alle Stolpersteine gelegd zijn. Met het plaatsen van de stenen hoopt de stichting de herinnering aan het joodse leven in de wijk levend te houden. Peter Vroege: "Het gaat om de boodschap van de Stolpersteine: Hun naam is weer terug en daardoor zijn ze niet helemaal vergeten."

Reacties

Nog geen reacties

Reageer
  • Wordt niet openbaar gemaakt